Kennisprogramma Zeespiegelstijging: inzicht in de grenzen van het watersysteem

Introductie

De zeespiegel stijgt en deze stijging versnelt door klimaatverandering. Voor Nederland als delta‑land heeft dit grote gevolgen voor waterveiligheid, zoetwaterbeschikbaarheid en ruimtelijke inrichting. Binnen het Kennisprogramma Zeespiegelstijging levert HydroLogic inzicht in de houdbaarheid van de Nederlandse zoetwaterstrategie.  

  1. Looptijd: 2021-2022
  2. Opdrachtgever: Rijkswaterstaat
  3. Partner: Arcadis
  4. Keywords: zeespiegelstijging, verzilting, zoetwater, watersysteem, Deltaprogramma
  5. Modellen, Tools en analyse: 1- en 3-dimensionale verziltingsanalyses Rijn-Maasmonding, bakjesmodel IJsselmeer, data analyse en expert oordeel
  6. Samenwerking: Overheden, kennisinstellingen en drinkwaterbedrijven

Aanleiding

Zeespiegelstijging

Het Kennisprogramma Zeespiegelstijging (KP ZSS) ontwikkelt kennis om Nederland voor te bereiden op zeespiegelstijging tot 5 m. Deze studie onderzoekt de houdbaarheid en van de huidige zoetwaterstrategie in Nederland en de wijze waarop die houdbaarheid eventueel te vergroten is. Doordat extreme zeespiegelstijging zich zal afspelen over een termijn van honderden jaren kan de impact van zeespiegelstijging op de instandhouding van de zoetwaterstrategie niet los worden gezien van andere ontwikkelingen zoals de verandering in rivierafvoeren en watervraag. 

Werkwijze

Systeemanayse

Binnen het Kennisprogramma Zeespiegelstijging is deze studie gericht op het kwantificeren en duiden van systeemgedrag onder veranderende omstandigheden. We zijn gestart vanuit een grondige systeemanalyse en hebben samen met experts hypothesen opgesteld hoe de systeemwerking verandert onder invloed van zeespiegelstijging. Daarmee werd een passende modelaanpak gekozen. Voor sommige watersystemen zijn bestaande modellen gebruikt. Zo is voor de Rijn-Maasmonding gekozen voor gecombineerde aanpak van 1- en 3-dimensionale modellen om recht te doen aan de verschillende type verziltingsprocessen in de Rijn-Maasmonding.  Voor andere watersystemen is een model opgezet omdat de bestaande modellen ontoereikend waren voor dit vraagstuk. Zo is voor het IJsselmeer een 1-dimensionaal bakjesmodel opgezet waarmee te verwachten veranderingen in waterbeschikbaarheid en het zoutgehalte in beeld zijn gebracht. 

Ook voor de watersystemen Volkerak-Zoommeer en Amsterdam-Rijnkanaal - Noordzeekanaal zijn de verwachte effecten van zeespiegelstijging op de verzilting en zoetwaterbeschikbaarheid gekwantificeerd en geduid. Daarnaast is een bovenregionale waterverdelingstool opgezet om de mogelijkheden en houdbaarheid van de waterverdeling via het hoofdwatersysteem in beeld te brengen. 

Het resultaat

Inzicht

De resultaten van deze studie leveren een beter onderbouwd beeld van de gevolgen van zeespiegelstijging voor de zoetwaterstrategie van Nederland en daarmee concrete handvatten voor strategische keuzes. Zo is voor de noordrand van de Rijn-Maasmonding geconcludeerd dat er waterstaatkundig gezien rek zit in de huidige zoetwaterstrategie, mits maatregelen worden genomen om een toename in aanvoersurplus naar de zoetwaterzones HIJ en Lek technisch mogelijk te maken.

En voor het IJsselmeer-Markermeer is een belangrijke bevinding dat de sluizen in dit gebied de grootste bron van verzilting zijn – een veel grotere bron dan zoute kwel via de bodem onder de Afsluitdijk. Al bij 1 meter zeespiegelstijging zien we bijna een verdubbeling van de hoeveelheid zout die het systeem binnenkomt.

"De modelaanpak is systematisch aangepakt. We hebben nu goed in beeld welke effecten er gaan spelen bij verschillende combinaties van rivierafvoer en zeespiegelstijging en waar het systeem robuuster is dan we dachten, en waar juist niet."
Meinte Blaas | Rijkswaterstaat

Wat heeft het project opgeleverd?

  1. Inzicht in grenzen van het huidige watersysteem
  2. Onderbouwing van langetermijn zoetwaterstrategieën
  3. Directe input voor het Deltaprogramma en beleidskeuzes, op landelijke en regionale schaal.
"In deze studie hebben we een eerste analyse gedaan van hoeveel zoetwater er nodig is en omgekeerd: hoeveel zeespiegelstijging het systeem kan hebben voordat aanpassingen aan de zoetwaterstrategie nodig zijn.”
Meike Coonen | Senior adviseur